PFAS voor datacentra en AI: ook Belgisch chemiebedrijf Syensqo schroeft productie van 'forever chemicals' op
In dit artikel:
Het Belgische chemiebedrijf Syensqo, afgesplitst van Solvay, breidt zijn productie van PFAS uit. Die zogenoemde forever chemicals worden onder meer gebruikt in batterijen voor elektrische auto’s, halfgeleiders en koelsystemen voor datacenters. De groeiende vraag hangt samen met de wereldwijde AI-boom.
De Zweedse actiegroep ChemSec onderzocht de uitbreidingsplannen van de tien grootste PFAS-producenten. Syensqo bouwt in Georgia een fabriek voor PVDF, een PFAS die onder meer in autobatterijen en bij de productie van AI-chips wordt gebruikt. De fabriek moet in 2027 klaar zijn en de grootste in Noord-Amerika worden. Daarnaast investeert Syensqo in Italië in PFPE, een koelvloeistof voor servers. Die kan in gesloten systemen water en energie besparen, maar lekken of een gebrekkige ontmanteling kunnen volgens milieuorganisaties alsnog gezondheids-, milieu- en klimaatrisico’s veroorzaken.
Ook andere producenten zetten in op groei: het Japanse Daikin wil zijn PFAS-productie tegen 2027 verdrievoudigen en het Amerikaanse Chemours ontwikkelde een nieuwe stof voor AI- en datacentertoepassingen. Milieuorganisaties verzetten zich tegen een versnelde toelating daarvan in de Verenigde Staten, omdat bedrijven volgens hen hun waterbesparing benadrukken maar de gevaren van PFAS en mogelijke broeikasgassen verzwijgen.
Er zijn tegelijk uitzonderingen. Syensqo zegt PFAS in sommige processen te hebben uitgefaseerd, waarvoor ChemSec het bedrijf deels prijst. BASF wil tegen 2028 volledig stoppen met PFAS, Archroma ontwikkelt PFAS-vrije alternatieven en 3M beëindigde zijn PFAS-productie eind 2025.
Vandaag Inside: Tina Nijkamp: 'Ik erger me eraan dat Angela de Jong dit blijft volhouden'